Het behoort tot de geloofsplichten van rechtzinnige moslims om dagelijks knielend te bidden, en in elk geval vrijdags omstreeks het middaguur. Het belang van het vrijdagse gebed voor de rechtzinnige moslims is vergelijkbaar met dat van de zondagse kerkgang voor de rechtzinnige christenen. Het College voor de Rechten van de Mens heeft uitspraak gedaan ten gunste van een moslimleerlinge (29/1/2026). Zij wilde in de jaren 2022-2024 bidden in de middagpauze van haar openbare school voor voortgezet onderwijs, maar de school stond dat niet toe. Daarmee heeft het Haarlemmermeer Lyceum TTO, een school voor tweetalig onderwijs te Hoofddorp, zich jegens haar schuldig gemaakt aan discriminatie op grond van godsdienst. De school was ook niet bereid een aparte inclusieve stilteruimte beschikbaar te stellen (maar daartoe zijn scholen ook niet verplicht).
Namens de school laat rector Brenda Stam aan persbureau ANP weten zich niet te herkennen in de uitspraak van het Mensenrechtencollege (NRC 30/1/2026). Hoofdstuk 8 van de schoolgids 2025-2026 vermeldt dat op deze school geen plaats is voor racisme en discriminatie en dat het dragen van een hoofddoek is toegestaan.
De redactie van NOS Stories heeft onderzocht op hoeveel middelbare scholen een (formeel of informeel) bidverbod van kracht is (NOS 20/2/2025). Zij kon zonder veel moeite ruim 180 middelbare scholen identificeren waar dat het geval was, waaronder zo’n 110 openbare scholen en een onbekend aantal niet-confessionele scholen binnen het bijzonder onderwijs. Alleen confessionele scholen die hun identiteit in bepaalde confessies vinden (bv. protestantse of katholieke scholen) mogen onder bepaalde voorwaarden verbieden dat leerlingen die andere confessies aanhangen (bv. moslimleerlingen) op school hun gebedsrituelen tentoonspreiden.