• Overheidsvoorlichting op school

    /

    5 reacties

    D66-voorman Pechtold heeft kamervragen gesteld over de voorlichtingscampagne die het Ministerie van Buitenlandse Zaken op scholen voert betreffende de Neder­landse deelname aan de ISAF-missie in Afghanistan: ‘Deelt u de opvatting dat het ongebruikelijk is dat ministeries hun eigen lespakketten gaan samenstellen om beleid aan de man te brengen?’ Pechtold doelt op het digitale lespakket Vrede en veiligheid dat sinds vorige week van de Buza-site gedownload kan worden. Het is uitgebracht ter ondersteuning van de reizende theatervoorstelling Breekbaar Nieuws, die door Buza en NCDO (Nationale Commissie voor Internationale Samenwerking) gesponsord wordt. Binnenkort wordt door het Kabinet beslist over de voortzetting van de Nederlandse militaire deelname aan de ISAF-missie na augustus 2008.
    Lees verder … (PDF)

  • Strafkorting voor spelfouten?

    /

    2 reacties

    Slechts de helft van de Vlaamse leraren bestraft dt-fouten met een lager cijfer (Het Laatste Nieuws 1/8/2007). Dat rapporteert Els Hendrickx in haar Leuvense licentiaatsscriptie (juli 2007). Ze heeft het hier over strafkorting bij het becijferen van schoolprestaties in vakken als geschiedenis of aardrijkskunde. Zo’n strafkorting vormt één van de vele instrumenten die een onderwijsinstelling kan inzetten in het kader van haar taalbeleid.
    Lees verder … (pdf)

  • Kwaliteit belonen in het hoger onderwijs?

    /

    Eén reactie

    De Onderwijsraad heeft op 24/7/2007 op verzoek van het Ministerie een voorlopig advies uitgebracht over de bekostiging van opleidingen in het Nederlandse hoger onderwijs, en met name over een opslag ter beloning van onderwijskwaliteit. De raad stelt voor excellente opleidingen een onderwijsopslag van 25% te geven. Maar wat is excellent? Volgens de raad voldoen excellente opleidingen aan twee criteria: a) de kwaliteit en het opleidingsniveau van de docenten is excellent en b) de eindwerkstuk­ken van de studenten zijn excellent. De raad gaat er daarbij van uit dat één op de vijf opleidingen voor deze kwaliteitsopslag in aanmerking komen. Volgens mij is dat een pervers voorstel.
    Lees verder … (PDF)

  • De taalachterstanden van de Early Bird

    /

    In zijn notitie Samen spelen, samen leren (13/7/2007) zet het Kabinet beleidslijnen uit om de taal­achterstanden bij jonge kinderen te bestrijden. Vijf op de twintig peuters, waaronder zowel allochtonen als autochtonen, lopen achter in hun beheersing van de Nederlandse taal. Vier op de twintig zijn aan het begin van de basis­school nog steeds niet goed aanspreekbaar in het Nederlands. En bij de meesten van hen is de taal­achterstand, in vergelijking met hun leeftijdgenootjes, zelfs aan het eind van de basis­school nog niet opgeheven. Vóór en tijdens de basis­school moeten dus alle zeilen worden bijgezet om de taalontwikkeling in het Nederlands te bevorderen. Maar er zijn kapers op de kust (NRC 19/7/2007): het schoolbestuur van 66 openbare scholen in Rotterdam is geporteerd voor internationalisering van het basisonderwijs. De kleuters in deze multiculturele wereldstad moeten óók Engels leren.
    Lees verder … (PDF)

  • Voortijdig schoolverlaten

    /

    2 reacties

    We moeten met z’n allen bevorderen dat iedere jongere een startkwalificatie voor de arbeidsmarkt haalt: minimaal een mbo-diploma (niveau 2 of hoger) of een havo- of een vwo-diploma. Met ingang van het schooljaar 2006/2007 wordt hard gewerkt aan de uitvoering van een plan van aanpak om dat te realiseren. Het aantal voortijdige schoolverlaters moet omlaag van 57.000 in 2005 naar maximaal 35.000 in 2010. In eerste instantie zijn in 14 regio’s pilotprojecten opgezet om het aantal voortijdige schoolverlaters in 2006/07 met 10% te verlagen. Vandaag werd bekend dat de des­betreffende afspraken in de regio Zuid-Limburg ruimschoots bereikt zijn.

  • Zorgplicht

    /

    Kort geleden heeft de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs haar Jaarverslag 2006 uitgebracht. Eén van haar uitspraken is inmiddels in het nieuws gekomen. Het gaat om een klacht over het onveilige schoolklimaat op een MAVO- en VMBO-afdeling: een meisje raakt in de klauwen van loverboys, die zelfs bínnen de desbetreffende school opereren. De moeder doet al het mogelijke om haar dochter daartegen te beschermen, maar ze wordt onvoldoende door de school geïnformeerd over het spijbelgedrag van het meisje. De Commissie acht de klacht gegrond. Als ouders hun leerplichtige kinderen onder de hoede van de school plaatsen, mogen ze verwachten dat de school tijdens de schooluren de ouderlijke zorgplicht tot op zekere hoogte overneemt.

  • Jeugdcriminaliteit?

    /

    2 reacties

    Eén van mijn vorige berichten ging over preventieve kluisjescontrole, tassencontrole en fouillering op school, uitgevoerd door de politie, met het doel jeugdcriminaliteit op te sporen en te voorkomen. De voorzitter van de VO-raad wijst erop dat deze politio­nele acties de pedagogische vertrouwensrelatie tussen leerling en school kunnen ver­storen. Ik ben het met hem eens. Eén van de heikele punten is dat iets door de politie wellicht reeds als crimineel gedrag wordt aangemerkt, terwijl de school dat alleen nog maar als ongewenst gedrag of als overtreding van de schoolregels beschouwt. Bijvoorbeeld:
    A) Sommige jongeren maken met hun mobieltje seksueel getinte naaktfoto’s van zichzelf of van elkaar (Dagblad De Pers 10-7-2007). Als de gefotografeerde jonger is dan 18 jaar, spreekt de wetgever van kinderporno. Niet alleen de verspreiding, maar ook reeds het bezit ervan is een misdrijf.
    B) Sommige jongeren van middelbareschoolleeftijd hebben seks met elkaar. Als één van beide partijen jonger is dan zestien jaar, is dat volgens de letter der wet een misdrijf, althans als de betrokkene, de ouders of de Raad voor de Kinderbescherming bereid is daarover een klacht in te dienen.
    C) Sommige jongeren maken gebruik van een vervalst identiteitsbewijs (of een ver­valste kopie ervan) om de leeftijdsgrens van een disco, een coffeeshop of een drank- c.q. tabaksverkoper te omzeilen. Dat is een misdrijf.
    D) Sommige jongeren gebruiken drugs en het bezit daarvan is een misdrijf. In Neder­land wordt bezit van een kleine hoeveelheid voor eigen gebruik (hasj en wiet tot 5 gram, heroïne en cocaïne tot 0,5 gram, xtc tot 1 pil) weliswaar niet strafrechtelijk vervolgd, maar de politie mag het spul wel confisqueren.

  • De maatschappelijke stage

    /

    Eén reactie

    Sinds de jaren 1960 zijn er telkens weer stemmen opgegaan voor de invoering van de sociale dienstplicht, een jaar van maatschappelijke dienstbaarheid dat in de plaats zou komen van de militaire dienstplicht. Het kabinet Balkenende IV heeft aan­gekondigd dat ze er nu echt werk van willen maken: een verplichte ‘maatschappelijke stage’ van drie maanden voor iedere middelbare scholier. Inmiddels is dat stageplan, althans voorlopig, gereduceerd tot honderd uur vrijwilligerswerk (bijvoorbeeld dertien vrijdagen). Na de zomervakantie komt het Ministerie met een nadere uitwerking.
    Lees verder … (PDF)

  • Veilige school

    /

    ‘Het Huygens College is een kleine en veilige school waar je iedereen kent:’ een VMBO-school in Amsterdam Oud-West met 560 leerlingen. Wat houdt dat in, een veilige school? Die vraag kwam bij me op toen ik vanmorgen in De Volkskrant (9/7/2007) een artikel over politiecontrole op drugs- en wapenbezit las. Het Huygens College heeft een Convenant gesloten met de politie, het OM en de Gemeente. Zoals in de schoolgids is aangekondigd, wordt de school ‘minimaal twee keer per jaar door de politie bezocht om de leerlingen te controleren op het bezit van wapens. (…) De leerlingen [weten] dat medewerking in deze verplicht is en dat de school zich het recht voorbehoudt om, eventueel samen met een politiefunctionaris, de kluisjes (…) te openen voor controle. Indien nodig zal er tevens een controle plaatsvinden van de tassen van de leerlingen alsmede de leerlingen(kleding). Fouilleren is daarbij inbegrepen. Het bewaken van de veiligheid vindt niet alleen plaats binnen de school, maar ook in de nabije omgeving. Politiefunctionarissen kunnen zonder aankondiging vooraf, in en om de school controleren op wapenbezit. (…) In geval van strafbare feiten zoals o.a. diefstal, vandalisme, dreigen met geweld, drugsgebruik en het mee­brengen van drugs, wapens of vuurwerk wordt er proces verbaal opgemaakt.’ (…) Vooralsnog ‘zal prioriteit worden gegeven aan diefstal en controle op wapenbezit van leerlingen’, maar er kan ‘jaarlijks tot herziening van de prioriteitsstelling worden overgegaan.’
    Het Ministerie en de Onderwijsinspectie weten van niets, aldus het Volkskrantartikel, en de voorzitter van de VO-raad vindt deze verstoring van ‘de pedagogische vertrouwensrelatie tussen leerling en school’ heel riskant.

  • Allochtonen in het universitair onderwijs

    /

    Michael Persson schreef een informatief artikel over allochtonen in het universitair onderwijs (Leren voor een beter leven, De Volkskrant 30/6/2007). Maar zijn cijfers kloppen niet. Hij beweert dat bijna 45% van de (niet-westerse) allochtonen binnen zes jaar een doctoraaldiploma haalt, tegen 55% van de autochtone studenten. Deze cijfers, betreffende het voltijdse instroomcohort 1999, zijn ontleend aan het rapport Met vallen en opstaan van Rick Wolff (2007). Maar in dat IMES-onderzoek zijn de W.O.-studenten die via het HBO instroomden, buiten beschouwing gelaten. In het Jaarboek Onderwijs in Cijfers 2007 van het CBS staan de cijfers over het gehele voltijdse W.O.-instroomcohort 1999: slechts 35% van de niet-westerse allochtonen slaagt in zes jaar, tegen 50% van de autochtonen (tabel 5.4.15).
    Lees verder … (PDF)

  • Zesjescultuur – achtjescultuur – viertjescultuur

    /

    5 reacties

    De universiteiten, verenigd in de VSNU, stellen er een eer in hun studenten zwart te maken. Er heerst een ‘zesjescultuur’ kopt De Volkskrant (28/6/2007) naar aanleiding van het verschijnen van hun WO-Monitor 2004 en 2005. Nederlandse studenten studeren minder uren per week dan hun buitenlandse collega’s en nemen genoegen met een zesje. Ja, zo lust ik er nog wel een paar. Wat er niet bij wordt verteld is dat Nederlandse studieprogramma’s veel minder contacturen per week omvatten, veel meer weken per jaar bestrijken en ontstellend veel studievertraging genereren. Zulke gegevenheden komen de VSNU niet in haar kraam te pas. Het Centraal Planbureau houdt eveneens van creatief boekhouden. Het CBP suggereert in een recent onder­zoeks­rapport dat ’the contribution of higher education to the skill increase between secondary and higher education is lower in the Netherlands [than in other coun­tries]’ (p. 61-2). Alweer die zesjescultuur of gaat de internationale vergelijking mank? De CPB-onderzoekers rekenen nagenoeg het gehele MBO tot het secundair onder­wijs. Als zij MBO-4 tot het postsecundair onderwijs hadden gerekend, dan zou het Nederlandse postsecundaire onderwijs internationaal prima scoren op ‘skill-increase t.o.v. het secundair onderwijs’. En wat toptalent betreft: de prestaties van de beste 5% van de Nederlandse 16- tot 35-jarigen behoren tot de mondiale top-tien (p. 43). Alleen de score van de beste 1% is internationaal gezien onder de maat.
    Lees verder … (PDF)

  • Portfolio’s

    /

    Eén reactie

    Alle studenten die in 2002 aan een bacheloropleiding van de Universiteit Utrecht begonnen, moesten een elektronisch portfolio bijhouden. Zo had het College van Bestuur gedecreteerd. In dat portfolio moesten ze hun vorderingen op het gebied van academische vaardigheden bijhouden. Aan het eind van de opleiding zou door of namens de Examencommissie worden getoetst of de student blijkens het portfolio het niveau van academische vorming had bereikt dat vereist is voor de uitreiking van het diploma. Dat werd een fiasco, want het College had verzuimd de onderwijsinstituten op te dragen in de eindtermen van hun opleiding te specificeren aan welke eisen van academische gevormdheid de examenkandidaten uiteindelijk moesten voldoen. Evenmin werd er een gestructureerd vaardighedencurriculum opgezet om studenten gaandeweg te trainen en beoordelen. Hoe zouden de onderwijsinstituten dat ook kunnen, bij gebrek aan competente trainers en beoordelaars?! In arren moede werd het middel (een verplicht portfolio) tot doel verheven: studenten moesten reflecteren op hun studie en zodoende hun reflectievaardigheid vergroten. Zoveel wazigheid was voor de meeste studenten teveel van het goede. Ze gaven er de brui aan. Na een evaluatierapport besloot het College in 2006 de universiteitsbrede portfolio­verplichting te schrappen. Vorige week maakte het universiteitsblad de balans op. Sommige UU-opleidingen zijn bereid in het portfolio te blijven investeren, maar elders is het een zachte dood gestorven. Sorry voor de studenten die de afgelopen vier jaar met een onvoldragen, modieus experiment werden opgescheept.